Sophie Asberg

Tips van Sophie: Bommetje

Hey Tennisplayer! Deze keer een tip over wat je kunt doen als je in een wedstrijd wordt overvallen door een ‘het kan me niet meer bommen gevoel’. Wat het is? Dat lees je hierna. Misschien snap je nu al wat ik bedoel. En dan weet je ook dat het knap lastig is om het weer kwijt te raken. Wie weet valt er bij jou geen kwartje. Dat kan ook, want lang niet iedereen heeft er last van. Gelukkig maar.

Ik zal je eerst vertellen wat er ongeveer gebeurt als een ‘het kan me niet meer bommen gevoel’ de kop opsteekt. Meestal ben je bezig met een wedstrijd die al niet zo lekker loopt. Wat je ook probeert, alles pakt nèt niet goed uit, terwijl je toch je best doet. Je verliest dus veel punten. En als dat na een poosje niet verandert, word je langzaam aan boos.

En dan, je tegenstander heeft bijvoorbeeld een mazzeltje, knapt er iets in je. Dan denk je: ach, zak er ook maar in! Wat kan mij het ook eigenlijk schelen, ik doe mijn best niet meer! En vervolgens ga je heel onverschillig spelen. Misschien maak je zelfs expres fouten. En soms voel je je nog zielig ook…

Ik zat een keer te kijken naar een wedstrijd tussen twee jongens van een jaar of dertien. Eén van de twee, ik noem hem even Bommetje, kreeg tijdens de wedstrijd óók duidelijk last van een ‘het kan me niet meer bommen gevoel’. Al een tijdje was Bommetje bezig met een moeizaam gevecht. En toen hij onenigheid met zijn tegenstander kreeg, barstte bij Bommetje de bom. Zwaar uit zijn humeur raapte hij twee ballen om vervolgens zijn eerste en daarna ook zijn tweede service vanaf een halve meter achter de baseline met een onverschilligheid in het kwadraat over het net te meppen (dubbele fout natuurlijk!).

En met een lichaam in de stand van: ‘het kan me geen zak meer schelen’, verknoeide hij de games daarna ook. Het lukte hem niet om zijn negatieve gedrag van zich af te schudden. Met Bommetje liep het dus niet goed af. Zonde hoor, want hij had nog kansen.

Je bomgevoel overwinnen

Wat zou je nu kunnen doen om jezelf bij elkaar te rapen als je zo’n negatieve bui krijgt? Zodat het jou beter vergaat dan Bommetje? Misschien dat het volgende ‘ontbomplan’ werkt:

1. Raas uit. Zit je met je gevoel van frustratie op een maximum? Speel dan maar even door in die toestand. Stop daar uiterlijk mee als je van kant gaat wisselen.

2. Adem je bomgevoel weg. Tijdens de kantwissel is het moment aangebroken dat je je echt gaat herpakken, want op dat moment heb je even rust. Zit je? Adem dan een paar keer goed in en uit. Blaas je bomgevoel uit je lijf. Probeer bijvoorbeeld ook met je billen de stoel te voelen waarop je zit. Daar kom je van tot rust. Gebruik de tijd tussen de games sowieso altijd even om te reflecteren.

3. Roep jezelf tot de orde. Uitgeblazen? Laat dan tot je doordringen dat je met een ‘het kan me niet meer schelen bui’ niet beter gaat spelen. Laat staan dat je de wedstrijd wint! Besef ook dat het voor jouw tegenstander heerlijk is om te merken dat je de wedstrijd opgeeft, want in feite ben je daar mee bezig. Dat gun je hem of haar toch niet? Voel je je zielig? Lach dan om jezelf. Want hé, je speelt ten slotte een leuk spel.

4. Maak een nieuwe start. Bedenk wat er in de wedstrijd goed ging en of je iets aan je spelplan moet veranderen (bijvoorbeeld: voorlopig zorg ik dat de bal in ieder geval binnen de lijnen blijft). Richt je in de volgende games op je (nieuwe) spelplan. Roep het gevoel van een frisse start bijvoorbeeld ook op door een schoon zweetbandje om je pols te doen, of strik je veters eens opnieuw.

5. Trek je strijdpak weer aan. Alles op een rijtje? Loop dan met rechte rug en coole blik weer naar jouw speelhelft. Maak ook een paar kniebuigingen en sprongen op de plaats. Zo laat je je tegenstander zien dat je nog lang niet bent verslagen. Voel je je nog niet helemaal sterk? Speel dan maar een beetje toneel.

6. Puntje voor puntje. Denk niet aan winst of verlies van de game, set of de partij, maar houd je alleen bezig met het punt dat je aan het spelen bent.

Verwacht nu niet dat je door dit ‘ontbomplan’ direct de sterren van de hemel speelt. Want dat gebeurt niet. Waar het om gaat is dat jij de draad in de wedstrijd weer oppakt en dat jouw tegenstander voelt dat jij er weer staat. Als dat lukt, ben je al een grote ster, of je nu wint of verliest.

Sophie Asberg

Geeft tennistips voor de KNLTB